Ik zie sponsor-zoek-pogingen van paralympische sporters vaak stranden in schoonheid. Via allerlei crowdfundwebsites proberen ze hun financiën voor een toernooi, voor een heel seizoen of iets anders rond te krijgen. ‘Ik heb voor die en die datum zus en zoveel geld nodig om dat en dat te kunnen doen’, is meestal de inleiding. En daarna staat ergens de oproep: wil je mij helpen? Doneer hier!

Dit soort pogingen eindigt als de crowdfundperiode afgelopen is meestal met een berichtje als ‘helaas is het niet gelukt om het totale bedrag bij elkaar te krijgen, maar ik ben blij met wie mij toch heeft willen helpen’.

En dat is heel erg logisch!

Dit soort zoektochten gaat uit van ‘help me’ en niet van: kijk mij eens tof zijn en kijk eens wat een supergave dingen ik jou te bieden heb. Het start met wat de sporter nodig heeft. En níet met wat die sporter een sponsor te bieden hebt! 

Terwijl dat laatste wél de manier is waarop je het aan zou moeten pakken. Bedenk éérst wat jij sponsors te bieden hebt, bedenk wat voor toffe dingen je voor bedrijven kunt doen, bedenk op welke manier zij toegevoegde waarde halen uit het sponsoren van jouw sportcarrière. En hang daar dan een prijskaartje aan. (En dat liefst een zodanig prijskaartje dat ze eigenlijk geen ‘nee’ meer kúnnen zeggen).

Klinkt gek? De vergelijking met de bakker werkt altijd.

‘Hoi bakker’
– ‘Hallo meneer, wilt u iets kopen? Dat kost dan 10 euro.’

Moet ik dit verhaaltje nog afmaken? Denk het niet, hè. Je gaat een bakker toch niet betalen zonder dat je weet wat je ervoor krijgt?!?!! Dat doe je alleen bij goede doelen! Dáár doneer je aan omdat je het belangrijk vindt, zonder dat je er iets voor terugkrijgt. Ook hier: dan ga je niet uit van je eigen kracht, maar van zieligheid.

Draai je dat bakkerverhaal om, krijg je dit:

‘Hoi bakker.’
– ‘Hallo meneer, ik heb vandaag een fantastische aanbieding. U krijgt een versgebakken tijgerbrood, een grote chocoladerozijnenbol – onze specialiteit, een zak lekkere witte puntjes en 3 gebakjes naar keuze. En daar betaalt u 15 euro voor.’

De kans dat je daar ‘ja’ tegen zegt, is vele malen groter (lees: eindeloos veel groter) dan in dat eerste verhaaltje.

Dus: weet wat je te verkopen hebt. Weet welk verhaal je te vertellen hebt. Sponsoring draait níet om wat jíj nodig hebt, maar om hoe jij sponsors blij maakt. Want: happy sponsor = happy sporter!

En heb je nou geen idee wat jij te verkopen hebt? Geen idee wat jouw tijgerbrood, chocoladerozijnenbol, witte puntjes en gebakjes zijn? Mail me dan even. Dan maken we een afspraak en komt het voor de, eh…, bakker 😜!

Goed weekend!
Robin