Ik heb een dilemma. En ik zou graag van jou weten hoe je hier over denkt.

Rond de paralympische sport, of zo je wilt gehandicaptensport, zitten allerlei goede doelen. Doelen die het voor mensen met een beperking mogelijk of makkelijker willen maken om te gaan sporten. En die goede doelen steunen best wat topsporters. Ergens is dat fijn, want dankzij die steun kun jij als sporter een keertje extra op trainingskamp, nieuw materiaal aanschaffen of die reiskosten naar een toernooi betalen.

So far so good, zou je denken. Máááárrrr …

Goede doelen hebben ‘zielig’ in zich. Ze halen geld op voor iets dat erg is. Uitstervende diersoorten, kinderen in derdewereldlanden, het vinden van een medicijn voor dodelijke ziektes; ga zo maar door. Een goed doel voor gehandicaptensport impliceert dat iemand die gehandicapt is, zielig is. Maar … Bén jij ook zielig? Bén jij hulpbehoevend? Wíl jij dat er met een collectebus geld wordt opgehaald voor jou, of maandelijks automatisch afgeschreven bij donateurs, zónder dat jij er iets voor hoeft te doen?

Veel sponsoren in de paralympische sport werken ook zo: ze vinden het leuk om een paralympische sporter te steunen, omdat het ze een gevoel van voldoening geeft. Het is zo lekker ‘mvo’ – maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ze maken de wereld een stukje mooier en: mooie aftrekpost voor de belasting. (Dat jij als sporter een fenomenaal uithangbord voor het bedrijf kunt zijn, zíen ze helemaal niet. Want je bent toch zielig?)

Máááárrrr …

Jij bént toch geen Jamaicaanse ringstaartleguaan? Jij bent toch geen maatschappelijk verantwoorde aftrekpost? Jij bent een stoere, sterke, zelfstandige sporter. (Tenminste, 99% van de paralympiërs die ik ken, is dat.)

Snap je mijn dilemma?

Willen we naar een inclusieve samenleving, of in elk geval: inclusieve sportwereld, waar iedereen gelijk is en gelijkwaardig behandeld wordt, dan móet ‘gehandicapt’ niet meer gelijkstaan aan ‘zielig’. Want bij zielig bén je niet gelijk. Nooit.

En tegelijkertijd: sponsoring is niet vanzelfsprekend, zeker niet nu in coronatijd. Dus snap ik ook dat er genoeg sporters zijn die zeggen ‘pakken wat je pakken kan’. Er moet toch brood op de plank. Dan is het niet slim om hulp van goede doelen, of mvo-aftrekposten, te weigeren.

Ook al maakt het je zielig.

Nou ja, het is zo’n heerlijke vicieuze cirkel waar ik op een regenachtige middag lang in kan ronddraaien en -denken. En waar ik niet uitkom. Wat vind jij?

Ik ben heel benieuwd en hoor of lees het graag!

Groeten, Robin


Ik mail deze ervaringen en adviezen ook elke vrijdagochtend naar een selecte groep paralympische sporters. Als extra service, zodat ze niet wekelijks op Facebook of mijn website hoeven te zoeken. Vinden ze handig. Je schrijft je hier in.