Het was een kanttekeningetje in al het coronanieuws: ‘Als de Spelen niet in 2021 gehouden kunnen worden, gaan ze helemaal niet door’. Een uitspraak van Thomas Bach, voorzitter van het International Olympisch Comité. En wat hij zegt, geldt in dit geval ook voor de Paralympische Spelen.

Ik lees het bericht, vind het een logische beslissing, deel het op Twitter met de woordgrap ‘als het niet doorgaat in 2021, wordt het Nokio’ (sorry, in deze coronatijd worden mijn grappen niet beter). En ga door met waar ik mee bezig ben.

Ondanks dat het nieuwsbericht voor mij een hoog mits-als-tenzij-eventueel-en-het-zal-wel-niet-gebeuren-gehalte had en 2021 überhaupt nog ver weg is, merk ik dat het me niet helemaal loslaat. Het zal toch niet … Dat het helemaal … Nee … Toch?

Tot zwemster Chantalle Zijderveld reageert. ‘Robin, ik wil nu nog niet denken over dat het helemaal niet doorgaat! Zullen we gewoon nog even een jaartje uitzitten voor we verder kijken?’ Dat gevoel herken ik. Ik wil nog niet nadenken over ‘wat als’, wil vooral nog niet denken aan ‘wat als níet’. We móeten gewoon volgend jaar naar Tokio. In augustus 2021 móet het gewoon gebeuren. Die stip aan de horizon heb jij als sporter nodig in deze ‘lege-agenda-periode’, in deze onzekere tijd, in deze tijd zonder wedstrijden.

En ik heb hem ook nodig. Dáár werk ik naartoe, dát is waarvoor ik elke dag opsta, dát is waar ik jou en je collega-paralympiërs naartoe wil helpen door je verhaal goed te vertellen. Zonder ambitie, zonder doel, wordt zo’n verhaal, eh…, doelloos. Want 2024 is helemáál nog zo ongelofelijk ontiegelijk ver weg.

Daarom is het heel simpel. Corona moet weg. Punt. Mochten er mensen in je omgeving twijfelen aan de coronamaatregelen, zeg ze dan: ‘Doe je het niet voor jezelf, doe het dan voor mij. Want ik móet naar Tokio volgend jaar. En dat kan ik niet alleen. De Spelen gaan alleen door als we het samen doen’.

En 24 augustus 2021 worden dan de Paralympische Spelen in Tokio geopend. Tot en met 5 september 2021 gaan we dan 11 dagen van fantastische topsport beleven, ga jij shinen als nooit tevoren en knallen zoals je nog nooit geknald hebt. Dan sta ik op je te wachten in de mixed zone en vertel jij mij en ik de wereld jouw verhaal.

En hopelijk vraag ik dan heel vaak vol verbazing – positieve verbazing! – aan je: ‘wat doe jij nou?’

Hup Tokio! Boe corona!

Groeten, Robin

P.S.: ik mail deze ervaringen en adviezen ook elke vrijdagochtend naar een selecte groep paralympische sporters. Als extra service, zodat ze niet wekelijks op Facebook of mijn website hoeven te zoeken. Vinden ze handig. Je schrijft je hier in.